RIGO Research en Advies BV - De bewoonde omgeving

Klantgroepen

Meer weten: André Buys Johan van Iersel


Bij keuzen rond het woonkarakter van een gemeente of de samenstelling van de woonportefeuille is inzicht in de diversiteit van woonconsumenten onontbeerlijk. Het debat daarover wordt verhelderd door te denken in klantgroepen. Welke klantgroepen, met welke woonvoorkeuren, gaan meer of juist minder gewicht in de schaal leggen de komende jaren? En met welke veranderingen in de woningvraag moet in het beleid rekening te houden? Eén ding is zeker: woonwensen zijn gevarieerd en ‘de woonconsument’ bestaat niet. Toch worden woonvoorkeuren voor het overgrote deel bepaald door de levensfase waarin mensen verkeren, en de mogelijkheden om die wensen ook te realiseren door de hoogte van het inkomen. Bij elkaar hebben de leeftijdsklasse, de samenstelling van het huishouden en het inkomensniveau een grote verklarende waarde als het om woonvoorkeuren gaat.

Als we die factoren combineren zijn er zeventien groepen huishoudens te onderscheiden, elk met een eigen vraagprofiel. Zo is in de woningvraag van jonge huishoudens de locatie dominant – liefst in de buurt van opleiding of afleiding – terwijl startende gezinnen meer gewicht geven aan de kwaliteit van de woning zelf. Ruimte in en om de woning, voor de opgroeiende kinderen, vinden ze van groot belang. Gevorderde huishoudens hechten veel waarde aan de sfeer en de uitstraling van de buurt – zij kiezen welbewust voor een woonmilieu – en senioren voegen daar de aanwezigheid van voorzieningen aan toe. Zo heeft elke klantgroep een unieke set van vraagkenmerken. Zicht op de samenstelling van de klantgroepen in uw werkgebied betekent dan ook onmiddellijk zicht op de samenstelling van de woningvraag.

De klantgroepbenadering van RIGO geeft niet alleen zicht op de woningvraag van dit moment. In combinatie met demografische en economische scenario’s kan RIGO een prognose maken van de samenstelling van de klantgroepen in de toekomst, bijvoorbeeld in 2020. Zo wordt zichtbaar welke klantgroepen meer of juist minder gewicht in de schaal gaan leggen. En met welke veranderingen in de woningvraag u in uw beleid rekening moet houden.